knol · Solanacées

AardappelSolanum tuberosum

De tuin-aardappel, een hoeksteen van de Belgische keuken, verrast door zijn smaken: een gestoomde vroege aardappel met dunne schil is van een heel andere orde dan een zak uit de supermarkt. Hij zuivert de bodem, kan bijna overal worden geteeld en vereist vooral waakzaamheid tegen meeldauw.

Aardappel (Solanum tuberosum)
Photo : ZooFari, domaine public · Wikimedia Commons
Moeilijkheidsgraad
Gemiddeld
Tentoonstelling
Volle zon
Bewatering
Matig, gelijkmatig bij de knolvorming, aan de voet
Vloer
Losse, diepe, humusrijke, kalkvrije en goed doorlatende grond
Afstand
35 cm in de rij, 70 cm tussen de rijen
Oogst
70 dagen voor vroege soorten, 120 tot 150 dagen voor bewaarras

Kalender · Het Belgische klimaat

Wanneer moet men zaaien, planten en oogsten?

Activiteit Jan Feb Maa Apr Mei Jun Jul Aug Sep Okt Nov Dec
Aanplant ja ja ja
Oogst ja ja ja ja ja

Stap voor stap

1Zaaien

Aardappelen worden niet gezaaid, maar geplant met gecertificeerde knollen, ook wel pootgoed genoemd. Laat ze vanaf februari ontkiemen door ze met het oog naar boven in kratjes te leggen, in een koele, lichte en vorstvrije ruimte bij een temperatuur van ongeveer 10 °C. Binnen vier tot zes weken vormen zich korte, gedrongen en paarsachtige kiemen, wat duidt op een goede start. Verwijder de lange, witte kiemen die in het donker en bij warmte ontstaan.

2Planten

Plant de vroege soorten vanaf half maart onder een afdekdoek; de overige soorten in april, wanneer de bodemtemperatuur 8 tot 10 °C bedraagt en de seringen bloeien. Graaf voren van tien centimeter diep, met een tussenruimte van zeventig centimeter, en zet om de vijfendertig centimeter een plantje, met de kiemen naar boven, zonder deze te breken. Bedek met fijne aarde. Een laag rijpe compost op de bodem van de groef volstaat; verse mest bevordert schimmelvorming.

3Onderhouden

Wanneer de bladeren twintig centimeter hoog zijn, moet u ze aanaarden door aarde rond de stengels aan te brengen, en dit drie weken later herhalen: aanaarden verhoogt de oogst en beschermt de knollen tegen licht, dat ervoor zorgt dat ze groen worden. Een dikke mulchlaag kan het tweede aanaarden vervangen. Geef alleen water bij droogte, vooral tijdens de bloei. Let vanaf juni op meeldauw en besproei de planten bij vochtig weer met een afkooksel van heermoes.

4Oogsten

De vroege aardappelen worden vanaf juni geoogst, wanneer de plant bloeit, door een bosje voorzichtig met een spade op te tillen. Voor bewaarsoorten wacht u tot het loof volledig geel is geworden, van augustus tot oktober, en rooit u ze bij droog weer. Snijd het loof twee weken van tevoren af als er meeldauw op zit, zodat de sporen de knollen niet besmetten. Laat de aardappelen enkele uren op de grond drogen voordat u ze binnenhaalt.

5Bewaren

De vroege aardappelen dient u binnen een week te consumeren. De bewaarvariëteiten kunt u, na zorgvuldige sortering, bewaren in kratten of jutezakken in een donkere, koele (4 tot 8 °C) en goed geventileerde kelder: één beschadigde knol kan de andere besmetten. Controleer de voorraad maandelijks en verwijder de uitlopers. Bewaar aardappelen nooit in de koelkast of in het licht; daar worden ze groen en ongeschikt voor consumptie.

Van de moestuin naar het bord

En daarna genieten we ervan

Wat het te bieden heeft

De aardappel levert complexe koolhydraten, kalium, vitamine C en voedingsvezels, vooral wanneer deze met schil wordt gekookt. Of hij nu gestoomd of gekookt wordt, blijft het een licht voedingsmiddel.

Eenvoudig in de keuken

De nieuwe aardappelen van juni, eenvoudig in de schil gestoomd en door boter en peterselie gewenteld, smaken op zichzelf al heerlijk. Kies in de herfst voor de Bintje-aardappelen om frietjes van te maken.

Goed leven

Samen met kinderen het eerste bosje nieuwe aardappelen uit de grond halen, is alsof u hen de magie van een in de aarde verborgen schat laat ervaren.